De lelie

De witte lelie, een wonderschone, elegante bloem die bol staat van de symboliek. In de Middeleeuwen kon men geen kwaad woord zeggen over de lelie. Dat engelachtige, onschuldige imago bestaat nog altijd. Toch vreemd. Kenden mensen die tergende leliegeur niet?

O schoone vrouwe
De middeleeuwse christen kende de symboliek van de lelie maar al te goed. De lelie representeerde de heilige maagd Maria. De bloem stond voor zuiverheid en onschuld. In oude verhalen worden deugdzame jonkvrouwen vaak beschreven met een leliewit gelaat. Om aan te tonen dat zij waardevol waren door hun onbevlekte reinheid en hun nederige levenshouding. Blancefloer uit Floris ende Blancefloer, heet eigenlijk ‘blanke bloem’ ofwel witte lelie. Hier nog een voorbeeld:

“Adelgonde, wier treffend lelieblank gelaat aller oogen tot zich trok, was naast den jonker Van Rodenberg gezeten.” – De Lelie van ‘s Gravenhage van J.J. Cremer
Floris_B
Hera’s melk
Ook in de Griekse mythologie staat de lelie bekend als wonderschone, reine bloem. De lelie staat ook symbool voor vruchtbaarheid. Niet Maria, maar Hera zorgde voor deze betekenis. De bloem zou namelijk voor het eerst ontsproten zijn uit Hera’s melk.
hera
Witte lelies op de grafkist
Leuk en aardig al die ophemelarij, maar ik begrijp het niet. Ja, het is een prachtige bloem. De stank vind ik alleen ondraaglijk. Ik ben wel blij met een boeket lelies, de naam ‘lelie’ alleen al vind ik mooi. Toch mogen ze van mij op het balkon pronken. Dan kan ik ze zien, maar hoef ik geen toiletgeur in mijn woonkamer. Mijn tante vertelde dat ze niet voor niets op grafkisten werden gelegd. De lelie zou de stank van het lijk verbloemen. Ik kon me helemaal vinden in haar theorie, maar wilde er toch iets meer over weten.
lily
Het sterfbed
Dat lelies vanwege hun sterke geur op grafkisten werden gelegd, kon ik nergens terugvinden. Wel kan iemand op z’n sterfbed naar lelies gaan ruiken. Dat komt door bepaalde lichamelijke processen die ermee ophouden, waardoor het lichaam begint af te sterven. Zieke mensen gaan dan soms naar lelies ruiken. Lelies op een grafkist fungeren dus niet als geurbom, maar als een laatste eerbetoon. De persoon zal met het symbool van onschuld en zuiverheid het graf ingaan. Overigens kun je om die reden maar beter twee keer nadenken voordat je een bos lelies in iemands handen duwt. Mijn oma zou het als een belediging zien. Alsof je haar de dood in wenst. Anderzijds legt lang niet iedereen die link meer.

Prachtige stinkbloem
Het zit me nog steeds dwars dat de o zo wonderlijke witte lelie stinkt. De theorie van mijn tante bracht alles bij elkaar. Een laatste eerbetoon met een praktische functie. Ik baal ervan dat ik daar niets over kan vinden. Nu kun je tegenwoordig lelies zonder geur kopen, dan los je het probleem ook op. Maar vroeger werden lelies nog niet zo gekweekt.

Lelies in de Middeleeuwen
Misschien dat de middeleeuwer meer gewend was aan stank. Open riolen, meutes stervende mensen en ranzig water zullen niet naar rozen hebben geroken. Eerder naar lelies. Ik denk dat de geur van lelies helemaal niet zo opviel. Bovendien stonden ze voornamelijk buiten en zette de gemiddelde middeleeuwer geen bloemen op tafel. Dat was toch echt een luxeproduct. Of er in Nederland al lelies waren weet ik niet eens zeker. ‘Een leliewit gelaat’ kon ook geïnspireerd zijn op de witte lelie uit de bijbel:

“Ik ben een Roos van Saron, een lelie der dalen.
Gelijk een lelie onder de doornen, alzo is Mijn vriendin onder de dochteren.” Hooglied 2

Prachtige cliché
Al met al vind ik het leuk dat de verheerlijkte lelie onuitstaanbaar stinkt. Ik vind het wel fijn dat zo’n prachtige verschijning ook niet perfect is. Dat lijkt me een prima cliché om mijn blog mee af te sluiten.

Advertisements

De Telefoongids

“Dag meneer de Vis, heb ik u even aan de haak geslagen.” We gierden van het lachen. Onze ouders hadden zich een verdieping lager over een fruitige rode wijn ontfermd en wij sloegen de Telefoongids open.
A young girl talking to Santa Claus on t
Anno telefoongids
De laatste keer dat ik een Telefoongids in handen had is alweer even geleden. Ik zocht eigenlijk nooit wat op in de Telefoongids. Dat was denk ik ook de reden van het digitaliseren ervan. Met de komst van het internet werd het een onding. Je kon de Telefoongids net niet in dat onderste laatje proppen. Dan lag hij maar op dat kastje, waar ook de VVV-brochures lagen en het uit elkaar vallende adresboekje. Moederlief deed hem in elk geval niet weg voor het geval dat…
A young girl talking to Santa Claus on t Katja
In mijn herinnering probeerde het Telefoongidsteam nog interesse te wekken met de rondingen van Katja Schuurman. Zij paradeerde in een Telefoongidspak op de beeldbuis en schitterde op de voorpagina. Of misschien was dat wel de Gouden Gids. Nog zoiets. Katja’s poging was tevergeefs. Een lust voor het oog misschien, maar geen motivatie om de Telefoongids daadwerkelijk open te slaan. Ik kwam hier en daar nog wel een telefoonlijst tegen in een kattenbak of opgevouwen onder een te korte krukpoot.
kidphone01 Spelletje bellen
Toch heeft die Telefoongids voor veel plezier gezorgd. De tranen liepen over onze wangen. Mijn nichtjes en ik (toen een jaar of tien) wisten wel raad met de Telefoongids. De één sloeg het boek open, de ander koos een naam en de derde moest diegene bellen met een leuk woordgrapje. “Dag meneer de Haan, hoe gaat het met mevrouw de Kip?” Stiekem vonden we dat bellen best wel eng, maar dat lieten we natuurlijk niet aan elkaar merken. Om en om pakten we moedig de hoorn van de haak en draaiden we aarzelend het gekozen nummer. “Met mevrouw Paling”, “dag mevrouw Paling, ik neem u in de maling.” We hingen op en barstten in lachen uit. Pure ontlading en trots op het resultaat.
Retrobellen Foei
Het was humor van tienjarigen. Net zoiets als belletje trekken. Als één van onze ouders even bij ons kwam kijken, smeten we de hoorn erop, draaiden we ons met een ruk om naar de deur en zetten we onze liefste gezichtjes op. “Wat zijn jullie aan het doen?” “Niks… Nee, ja, gewoon aan het spelen toch?” “Jaaaa… verstoppertje!” Met een scheve glimlach en een opgetrokken wenkbrauw werden we weer aan ons lot overgelaten. Zodra de voetstappen wegstierven brainstormden we giechelend over de volgende grap.
retro-phone-toy-that-talks De Jager
De Telefoongids staat nu gewoon online. Of kinderen daar nu op surfen om hilarische grappen te kraken betwijfel ik. Bestaat belletje lellen überhaupt nog? Ook een lollig principe. Aanbellen, zenuwachtig achter een auto of in een struik duiken en zien dat mensen voor niets opendoen. Dat slaat eigenlijk nergens op. Waarom vonden we dat grappig? Is het een subtiele vorm van sadisme? Ik ben geen sadist, maar ik deed er net zo hard aan mee. Hoe spannend was  dat! Iemand deed zowaar de deur open… en dan weer dicht. Bellen naar een vreemde was eigenlijk hetzelfde, maar dan andersom. Je zag niet wie er oppakte, maar je had je wel contact. Lachen, gieren, brullen. Ik ben benieuwd of ik toch ooit gebeld zal worden. Mijn achternaam leent zich er uitstekend voor. Althans, mijn nichtjes en ik konden daar wel mee uit de voeten.