Het zomerrecept

Tranen met tuiten huilden ze. Ik zat met m’n handen in het haar. Wat moest ik in godsnaam beginnen. Hij nipte hevig snikkend aan de watermeloengazpacho met gekleurde vlaggetjes op een bedje van kersenbomen en zij hapte onverschrokken in de zon met zeezout en geflambeerde blauwe kaas met Bourgondische chocola. Vonden ze het lekker of walgden ze ervan? Waarom huilden ze? Ik poogde het hen te vragen, maar mijn samengeknepen stem liet me zwijgend in de steek. Ze aten gestaag door.
Alice_CryingIk besloot de volgende gang op tafel te zetten. Een amuse van gegrilde literatuur met pijnboompitten gebaseerd op Franse chansons. Nog meer tranen vloeiden over hun wangen en landden op het tafelblad. Met bierviltjes probeerde ik de stroompjes te deppen. Ondertussen voelde ik iets op m’n wang kriebelen. Een traan! Verdomme! Begon ik zelf nu ook al?! We schoven de gegrilde dorade met festivalsaus aan de kant en stortten ons direct op een fles lokale appelcider, speciaal door blonde bruidjes gebrouwd.

Inmiddels brulden we alledrie luidkeels. We overwogen regenlaarzen aan te trekken voor de schade die we aanrichtten. Op de houten planken kolkte een rivier van tranen. Als troost toch maar een toetje. Crêpe van wilde bloemen met zorgeloze nachten. Buiten regende het pijpenstelen en wij deden ongegeneerd mee. Het is en blijft ieder jaar weer verrot. De herfst die met dreigende stappen dichterbij komt en die de zomer ontvoert en pas over drie seizoenen weer vrijlaat. Zomer, o zomer. We leven met je mee.

Buikjes vol. Tijd voor de winterslaap.

Advertisements

De camping

Het is doodstil, op het ritmische zingen van een krekel na. We staren naar de sterren die je hier zoveel beter ziet dan thuis. We hebben een fleecedeken om ons heengeslagen, want de avonden zijn fris. De silhouetten van de wilgenbomen omkaderen het wateroppervlak, waarop de maan gefragmenteerd glanst. Wat is het hier prachtig en wat is kamperen toch fijn! Kamperen01Want klungelen is leuk
Het idee is best lachwekkend. ‘Ik heb vrij, daarom wil ik geen luxe, maar wil ik klungelen’. Het is in een tent nog best een uitdaging een broek aan te trekken. Het gasstelletje werkt niet optimaal, het luchtbed is lek en de zon brandt om vijf uur ’s ochtends op het tentdoek met Sinaï-achtige omstandigheden als gevolg. Er zitten mieren in de voortent, de scheerlijnen schieten steeds los en ja hoor… ’s nachts moet je ineens plassen. Je rekt de tijd door jezelf te vertellen dat je toch echt niet zo nodig hoeft. Totdat je bijna het moment suprême bereikt. Dan ga je toch maar. Je kruipt uit je dichtgesnoerde slaapzak, stapt onhandig over je slaapgenoot die heftig heen en weer stuitert door het luchtbed dat plots een zwaartepunt mist. Je tijgert naar uitgang van de tent en stapt slaapdronken in je slippers. Roehoeeehoeets. Het tentdoek blijft tussen de rits hangen, maar uiteindelijk sta je buiten in je zijden pyjamaatje, met kippenvel op je benen. Je kijkt verstrooid rond en kiest een wilde bessenstruik waarachter je gehurkt plaatsneemt. Je gaat nu toch zeker niet helemaal naar het toilethok lopen! Kletter, kletter, kletter, wat een opluchting. Je bent klaar. Shit… Geen wc-papier. Kamperen02Lekker simpel
Kampeerfanaten maken zich gelukkig niet zo druk om bovenstaande kampeertaferelen. Je laat thuis juist alles achter. Even geen ruime kamers, luxe keukens en technologische hoogstandjes. Back to nature. Samen op een matje, het knusse getik van een zomers buitje, kaarslicht, verse croissants, voeten in het gras. Weg van je dagelijkse routine en uit je huiselijke omgeving. Al heb ik met kamperen toch wel twee eisen:
1. De natuur voert de boventoon. Geen aangeharkte symmetrische kampeervakken, maar hoog gras, heuvels, bloemen, water en wilde bomen.
2. Ja, ik ben een jonge bejaarde. Ik houd van rustige campings, zonder toeters en bellen. Geen clownparades in de ochtend of tetterende aerobicsinstructrices.

De naakte eenvoud
Sommige mensen kamperen naakt. Met hun blote billen achter de barbecue. Dan zijn ze pas écht in de natuur. Zand in de spleet, verbrande tepels, heerlijk! Het scheelt heel wat kofferruimte, heus waar.

Tv hollee hollee
Piep piep piep piep. Mensen breken hun tenten af, want de achteruitrijdende torenflat past er niet langs. Het is een nog een heel gedoe de camper subtiel in beweging te krijgen. Er hangt namelijk nog een cabriolet aan de trekhaak. Met een afstandsbediening manoeuvreert de eigenaar het gevaarte naar de gewenste plek. Zo! Die staat. Nu de satelliet nog installeren, de televisie aansluiten en de frituurpan verhitten. Airco aan en genieten maar! Het is immers bijna 20:30 uur, dan begint Sterren kamperen op het ijs.

Feest in de tent
En dan heb je natuurlijk ook nog de vele ‘zuipcampings’, waar troepjes jongeren samenscholen voor een wonderlijke hoeveelheid pils. ’s Avonds snellen ze opgetut en wel naar de campingdiscotheek waar het feest tot in de late uurtjes doorgaat. De jongens delen vakantiezoentjes uit en de meisjes blozen. Of andersom.

Hoera, hoera, hoera!
Ach, ik kan hier nog uren over schrijven. Je hebt ook tenten met onzichtbare eigenaren. Er staat al weken een tent op het terrein, maar de kampeerders zijn nergens te bekennen. Er zijn fietsfanaten die ’s ochtends om zes uur klaar staan voor een nieuwe plaatselijke wielerronde. Je hebt kampeerders die altijd klagen over muggen, zand in de tent, oncomfortabele stoeltjes en vochtige binnententen. Kampeerders die hun tijd vullen met het lezen van stapels boeken. Glimlachend, met een kopje koffie in de ene hand en een bestseller in de andere. Of je nu kampeert in een tentje, een caravan of luxe camper. Of je nu houdt van kleren, geen kleren of speciale kampeeroutfits. Of je nu graag spelletjes speelt, het op een drinken zet of juist seniorengedrag vertoont. Kamperen (met mooi weer) is gewoon fantastisch. Ik wens hierbij iedereen die nog gaat ontzettend veel plezier! Kamperen03